Samenvatting: Breeding Pit

Speel mee in RPG-herberg De Blaffende Vis. Vreemde, grappige en angstaanjagende verhalen doen hier de ronde.

Moderator: Herbergiers

Grimreaper
Eeuwentemmer
Berichten: 2475
Lid geworden op: 06 sep 2004 18:33
Locatie: Zevenbergen
Contacteer:

Samenvatting: Breeding Pit

Ongelezen bericht door Grimreaper » 31 dec 2005 15:41

Dag 1
Tijd: Nacht
Plaats: Herberg de blaffende vis
Rijke man, met lijfwacht, doet oproep aan iedereen om hem te helpen zijn ontvoerde dochter terug te vinden.
Farolaphadel (Nahimana Tala) bied hem aan om aan haar tafeltje rustig te praten.
De rijke man volgt.
Farolaphadel merkt zakken rolster Berdy (Aphrael) op.
Deze geeft de spullen terug.
Aimee (Aisling) komt erbij zitten en bied haar diensten aan.
Na wat vragen bied ook Farolaphadel haar diensten aan.
Ja’Daana (Witch) kijkt en luistert vanaf een afstandje mee.
Aimee stelt voor in privé verder te praten.
Farolaphadel stelt haar kamer te beschikking.
De rijke man laat als aanspreekpunt enkele wachters in de zaal achter en gaat vervolgens naar de kamer van Farolaphadel.
Berdy bied ook haar diensten aan, onder het geheime motief om spullen te stelen.
De rijke man vraagt haar mee te lopen naar het gesprek op de kamer van Farolaphadel.
Ja’Daana besluit ook naar de kamer te komen en zich aan te melden voor de missie.
Aimee bespeurt een duister iemand.
De rijke man stelt zich voor als Anduzân Cepesius d'Nelumahastalâm.
Farolaphadel voelt ook iemand aan en bereid iedereen voor om de deur te openen en die persoon aan te pakken.
Hanter (Lasmes) gaat naar het contactpersoon en vraagt de weg naar de kamer.
De man achter de deur sprong omhoog, een tatoeage werd zichtbaar.
De man gooide een werpbijl naar Anduzân die door zijn lijfwacht werd opgevangen.
Berdy duikt in een hoekje.
Farolaphadel en Ja’Daana nemen gevechtshouding in.
Farolaphadel vloert de man.
Man valt terug aan met twee verborgen dolken, en roept iets in een vreemde taal.
Ja’Daana mengt zich in het gevecht en neemt een dolk over.
Farolaphadel lanceert een krukje richting man.
Anduzân trok de lijfwacht zich toe, hij haalde de bijl eruit en genezende hem, de lijfwacht kwam bij.
De man kreeg de stoel tegen zijn kaak en moest een paar stappen terug doen.
De lijfwacht nam de kans de werpbijl terug te gooien in de schedel van de man.
Hanter komt aan op tijd om het bloed te zien spetteren.
Farolaphadel maakt haar wonden schoon en vraagt naar het teken.
Anduzân zegt het niet te weten en bied aan de wonden te genezen.
Hanter gebied de vrouwen het lijk op te ruimen.
Farolaphadel laat de natte doek met hoge vaart in het gezicht van Hanter vliegen en sprak hem boos toe.
Hanter stelt zich voor en zegt zich ook aan te willen bieden voor de missie. Verder maakt hij weer een seksistische opmerking.
Berdy geeft vlug Hanter een schop tegen de schenen.
Ja’Daana sust de gemoederen.
Hanter bied zijn excuses aan.
De lijfwacht schreeuwt om stilte en roept een andere wachter op de rotzooi op te ruimen.
Frits (Waylander) komt langs het lijk en pakt de bijl en loopt door.
Hanter’s hand gloeit paars door gereflecteerd zonlicht, Ja’Daana valt dit op.
Ja’Daana vraagt nogmaals naar de rare man en diens teken.
Anduzân zegt nogmaals niks te weten maar belooft (komt niks van terecht) een onderzoek te laten starten.
Anduzân stelt voor naar buiten te gaan en gaan eten in zijn caravan.
Tijdens de rit riep Anduzân nog een laatste keer om vrijwilligers.
Astriyan (Beriador) bied zich nog aan.

Frits kruipt in een wagen van Anduzân, en valt na enige tijd inslaap.

De groep kwam de rijkelijk versierde kar binnen.
Men begon langzaam te eten, behalve Anduzân en diens wachters.
Anduzân beantwoord wat vragen (hij liegt dat ie barst :P )

Bârush ontdekt Frits, slaat hem bewusteloos en neemt hem mee.

De mensen in de koets vielen één voor één neer door het gif in samenwerking met een spreuk.

Dag 3
Tijd: Middag
Plaats: Anduzân’s vertrekken.
Ja’Daana wordt wakker in de privé vertrekken van Anduzân in weelderige kledij maar wel vastgebonden op een stoel. Anduzân loert naar haar.
Ze geeft wat woorden van goedkeuring over de uitvoering van zijn plannen en vraagt of ze uit de boeien mag. Anduzân weigert en begint met zijn avances. Ja’Daana begint dan arrogant te praten en krijgt daarvoor een klap (magisch versterkt) van Anduzân, Ja’Daana bloed ervan. Hij doet een spreuk waardoor ze niks kan zeggen.
Anduzân vertelt Ja’Daana over het belang van zwijgen tot er tegen haar gesproken wordt.
Ja’Daana verteld haar levensverhaal, intrede tot Zwarte Paladijn.
Anduzân zegt dat dat niets is vergeleken met hem en dat hij zijn broer nog wel zo vermoorden zodra hij god zou worden en dat het dan belangrijk zou zijn aan wiens kant zij staat.
Ja’Daana zegt dat ze bang is voor de wraak van haar god.
Anduzân zegt vele malen machtiger te zijn en bied haar macht in ruil voor loyaliteit aan.
Ja’Daana vraagt hoe het met status tussen haar, Anduzân en de goden dan zal zitten.
Anduzân legt uit hoe het zit met vuur en metaal goden.
Ja’Daana gaat akkoord met het eerder gemaakte voorstel van Anduzân.
Anduzân splijt een binnengekomen man open en opent daarmee een portaal.

Dag 3
Tijd: Middag (tegen de avond)
Plaats: Basilisk’s grot
Mentaal zegt Anduzân dat Ja’Daana zich eerst moet bewijzen door de basilisk te vangen en een voorwerp terug te krijgen.
Na een hoop gedoe blijkt het haar wel te lukken hem te temmen maar niet hem van zijn plaats te krijgen.
Uiteindelijk vraagt ze Anduzân om hulp.
Anduzân verschijnt, in zijn ware gedaante, en vertelt dat ze geslaagd is, het roepen van zijn hulp hoorde bij de test.
Anduzân stond op het punt Ja’Daana uit te leggen waar hij haar nodig voor had toen hij merkte dat zijn schip werd aangevallen, hij transporteerde hun tweeën naar het schip.


Dag 3
Tijd: Avond
Plaats: Schip van Anduzân
Farolaphadel, Berdy, Hanter, Astriyan en Frits worden wakker, vastgeketend aan de muur van een schip onder het dek met slechte kledij.
Zimân-Ginal lacht en wenst ze spottend een goedemorgen als de eerste wakker worden. Ze momperen wat, (wat is er aan de hand en water) maar niets bijzonders. Berdy word nog niet wakker.
Zimân-Ginal gooit een emmer water over Astriyan leeg. Yadî neemt de wacht over.
Farolaphadel vraagt Yadî te kijken hoe het met Berdy gaat. Yadî geeft Berdy wat water maar zegt verder niks te kunnen doen.
Hanter wordt ongeduldig en roept dat Yadî hem alles moet uitleggen.
En Frits vraagt hoe lang ze hier nog zullen zitten.
Astriyan vraagt om eten en drinken.
Yadî zegt dat er zo iets aankomt maar dat hij verder weinig kan doen of vertellen.
Frits vraagt met dwang om zijn mantel.
Het eten en drinken word gebracht en ze worden 1 voor 1 door Yadî gevoerd.
Igân neemt de wacht over.
Bovendeks breekt een gevecht uit.
Een drietal mensen, met dezelfde tatoeages als die van de man uit de herberg, komen binnen.
Igân lukt het om de drie mannen op afstand te houden
Een vierde man komt binnen.
Farolaphadel lanceert een stoel naar Igân.
Hanter brand met zijn zuur los uit de kettingen om aan het gevecht mee te doen.
Ondertussen lijkt Berdy wat bij te komen en brabbelt wat.
Igân valt dood neer als de brandende handen van Hanter hem vast pakken.
Hanter wordt onthoofd.
De vierde man schreeuwt ordes en alleen de man met de dolken blijft achter, de rest rent via de trap de kamer uit.
De man met de dolken loopt op Berdy af om haar keel door te snijden, maar Farolaphadel houdt hem tegen met haar telekinetische kracht.

Dag 3
Tijd: Nacht
Plaats: Schip van Anduzân
Eenmaal op het schip aangekomen hakt Ja’Daana zich een weg naar de rest van de groep.
Ja’Daana ziet de man met de dolken en overmeesterd hem makkelijk en levert een dodelijke steek toe.
Ja’Daana bevrijdt de groep en helpt Berdy.
Astriyan bekijkt de mogelijkheden om door het raam naar buiten te kunnen glippen.
Het begint te onweren.

Gesloten