Aeron: samengevoegd topic: alle spelers!

Dit is waar het allemaal gebeurde.

Moderator: Midwinter

Viconia
Kosmonaut
Berichten: 926
Lid geworden op: 17 okt 2004 13:40
Locatie: Brussel (BE)

Ongelezen bericht door Viconia » 15 mar 2006 15:32

De gevangenis

Voordat Glovigin en Thain er erg in hadden waren ze in een gevecht beland tussen enkele figuren die geen van allen de intentie wekten dat het bewakers waren. Een moment van twijfel van de kant van het tweetal zorgde ervoor dat de afstand tussen hen en de aanvallers zo klein was geworden dat ze nu zonder enige moeite gezien zouden kunnen worden. Sterker nog, ze waren al gezien. “Klaar om te rennen?” Vroeg Glovigin snel, ze moesten nu opschieten. Thain knikte heftig. “Ga! Ik volg je!” Zei hij terwijl hij naar een zijgangetje wees wat hen nog niet eerder was opgevallen. Diep verborgen in de schaduwen, keek je er zo over heen. Het was nog een geluk dat de dwerg er toevallig recht tegenaan had gekeken, want anders waren de ontsnappingsmogelijkheden behoorlijk beperkt geweest.
Onder dekking van diepe schaduwen en hopend op een flinke dosis geluk glipte het tweetal het gangetje in. Na een aantal splitsingen waar Glovigin en Thain op goed geluk een richting kozen, bemerkte Thain een klein luikje in het plafond. Met de hoop dat ze in een beschaafder gedeelte van het paleis zouden komen besloten Thain en Glovigin hierdoor naar boven te klimmen. "Weer een gang" meldde Thain kort, toen Glovigin naar boven kwam. Ze stonden aan het begin van een lange duistere vervallen gang. Met een kort knikje naar een paar zware blokken steen, die uit het plafond waren gevallen, maakte Thain duidelijk dat ook deze gang niet veel gebruikt werd. "Laten we een aantal van die blokken op het luik gooien" stelde Glovigin voor.
Met vereende krachten kon het duo net een steen verschuiven. Na een tweetal van deze stenen over het luik geschoven te hebben tilden ze samen nog een vijftal kleinere stenen op het luik. "Zo daar komt niemand meer door," meldde Glovigin tevreden.

Na een aantal uren de gang gevolgd te hebben zuchtte Glovigin, "geen enkele zijgang, geen enkele ingang behalve het luik waardoor we naar binnen zijn gekomen. Ik vraag me af waar deze gang heen gaat." Nadenkend keek Thain om zich heen. Hij ging met zijn hand over de rechtmuur heen en bleef even staan. “Ik kan me vergissen..” begon hij terwijl zijn hand de positie op de muur nog steeds niet verlaten had. “maar volgens mij zitten we nu ergens anders dan in de kerkers. Het paleis misschien? Deze muur voelt heel anders aan. Er zit geen mos op en ik heb het idee dat deze gang een stuk beter onderhouden wordt. Er moet ergens een deur zijn….”

Dat gaf het tweetal genoeg hoop om nog even door te zoeken. Hoop die niet lang daarna beloond werd toen ze tegen iets aanliepen wat hun ‘reisje’ een vervolg zou geven: een deur. Thain sloeg een zucht van verluchting. “Nog even en we zouden de kroonjuwelen kunnen stelen” Lachte hij. De deur was niet bepaald groot. Thain zou er makkelijk doorheen kunnen wandelen, maar Glovigin zou moeten bukken om aan de andere kant te kunnen komen. Twijfelend keken ze elkaar aan. “Op hoop van zegen dan maar?” Glovigin had de deurknop al in zijn handen en duwde de deur zachtjes open..

Dalphin
Fortuinzoeker
Berichten: 80
Lid geworden op: 25 mar 2005 22:33
Locatie: Duiven

Ongelezen bericht door Dalphin » 15 mar 2006 18:30

In de gevangenis

Ram was verbaast. Waar waren de twee nu gebleven? De elf en de dwerg waren plotseling verdwenen. Ram hield zich niet meer in en sloeg de laatste aanvaller van zich af. Deze viel met een plof op de grond en bewoog niet meer. Langzaam veranderde Ram weer in een gewoon persoon. Na een paar tellen hoorde hij een stem. "Kijk naar rechts een zijgang!"Ram keek naar rechts en dacht na: "Wie zei dat?"Ram herkende de stem wel ergens van. Hij had hem al eerder gehoort. Ram zag een gangetje verborgen en liep erin. Ram dacht na en herrinerde zich de stem. Het was de stem van zijn meester die hij op het schip tegen was gekomen en hem de weg had gewezen. Naar een paar minuten kwam Ram bij een luik. De stem zei: "Ga door het luik!"Ram duwde tegen het luik aan, maar het bewoog niet. Er lag iets boven op. Hij hoorde boven zich wel de twee stemmen van de dwerg en de elf. Hij veranderde weer in een wolf en duwde tegen het luik aan. Het luik bewoog een beetje en Ram kon de stenen horen schuiven.

aphrael
Sterrenschipper
Berichten: 1328
Lid geworden op: 09 okt 2004 14:12
Locatie: Rotterdam
Contacteer:

Ongelezen bericht door aphrael » 20 mar 2006 14:38

In de stad

Sergeant Geelen had het kleine meisje nog steeds vast en wierp een blik over zijn schouder. Hij zag de minotaurus er als de wind vandoor gaan en wist precies waar hij naar toe zou gaan. Hij zou hem natuurlijk opwachten bij de haven en hem daar proberen te vermoorden. Ha! Hij kende de weg in de stad ook goed, zo niet beter dan dat stiergeval. Maar waar naar toe? Het meisje wriemelde angstig in zijn armen. Zonder verder een moment na te denken sneed Geelen haar keel door en wierp haar aan de kant als een oud stuk brood. Nadenken, dat moest hij. Aha, hij wist precies waar hij naar toe zou gaan. Knappe jongen die hem daar zou kunnen vinden. Doelbewust liep hij een aantal straten door en sloeg een kleine steeg in. Nadat hij goed om zich heen had gekeken, klopte hij voorzichtig op een kleine deur. Niet veel later ging het deurtje open en wurmde Geelen zich naar binnen......


In de haven, een kleine roeiboot

Mynn was nog nauwelijks bekomen van de schok. "Penthe, waar gaan we naartoe en is het daar wel veilig?" "Houd je mond en noem me niet bij die naam" siste Penthe haar toe. "We gaan ergens naar toe waar het inderdaad veilig is, maar niet iedereen hoeft te weten van onze vermomming. Als iedereen weet wie ik ben hoeven we niet meer te vluchten, is het wel?" Penthe zag er niet best uit. Afgezien van de overduidelijk smerige kleren waar ze nu in gehuld was, was ze lijkbleek en had zwarte kringen onder haar ogen. "We kunnen alleen maar bidden dat iedereen die stad veilig uitkomt. Ik heb er weinig vertrouwen in." Plotseling liet Penthe de riemen uit haar handen vallen en greep naar haar hoofd. Mynn kon nog net op tijd de riemen grijpen voordat ze overboord sloegen. "Penthe, wat.." "Ik...ik...ik hoor iets, maar...dat kan niet....waar zijn..." Voordat Penthe verder nog iets kon zeggen zakte ze ineen op de bodem van het eenvoudige roeibootje.

Lasmes
Kosmonaut
Berichten: 717
Lid geworden op: 12 nov 2004 00:28
Locatie: Rosmalen

Ongelezen bericht door Lasmes » 20 mar 2006 18:31

Zogal legde haar hand op de hals van het hert, dat met zijn hoefjes verschrikt over het hooi danste. Het dier werd kalmer en schudde met zijn kop, knipperde met zijn ogen en rook toen voorzichtig aan Ariel alsof hij wilde keuren of ze veilig was. Toen hij er achter leek te zijn dat het gillende kind geen gevaar op leek te leveren, liet hij Ariel toe dat ze hem aaide. En drukte daarna zijn neus in Zogals nek om te laten zien dat hij haar gemist had. Zogal aaide het dier tussen zijn gewei, als teken dat ze hem ook gemist had en liep naar de uitgang van de stal. Ariel volgde terwijl ze luid complimenten over het hert bleef maken en het dier steeds opnieuw over zijn rug, hals en kop aaide. Het hert vond het nu niet erg meer. Zodra ze buiten stonden wachtte Zogal op een woord van de man, die hen gevolgd was. Ze vond hem nu al een tijd verdacht stil.

Agravain
Beheerder
Berichten: 2506
Lid geworden op: 22 apr 2004 19:15
Locatie: Omgeving Goes
Contacteer:

Ongelezen bericht door Agravain » 22 mar 2006 20:27

In de gevangenis (of ergens daar buiten)

Langzaam gluurde Glovigin om de hoek, hij zag niks. Hij tastte voor zich uit en voelde iets van metaal, en een stukje verder een stenen wand. Links en rechts rezen ook twee stenen muren omhoog. De afstand naar de achterwand toe was maar enkele passen. "Ik geloof dat er een trap hier omhoog gaat Thain," fluisterde Glovigin. Gebukt deed hij een stap naar voren, terwijl de Dwerg hem op de voet volgde. Glovigin tuurde naar boven maar zag niks. "Ik denk dat we uit de stad zijn Thain," vervolgde Glovigin, "we hebben toch wel een lange tijd gelopen, en dat alles in een redelijk rechte lijn." "Klopt," bromde de Dwerg, "maar we zijn het eerste stuk toch flink omlaag gegaan hoor."

"Nou daar gaan we dan," mompelde de Elf en begon, nadat hij zijn spullen had verschikt, te klimmen. Na een aantal meters stuitte Glovigin op een smal bordes, van een aantal passen lang. Hij hoopte maar dat de Dwerg de smalle ruimte in kon. Om Thain wat ruimte te geven schuifelde hij een stukje naar voren toen zijn linker hand opeens een houten paneel beroerde in plaats van steen. "Waarom stop je?" mompelde de Dwerg achter hem. "Ik geloof dat we bij de uitgang zijn," fluisterde Glovigin terug. Hij duwde tegen het paneel, dat vervolgens een stukje naar voren en vervolgens opzij gleed. Het tweetal stapte een ruimte in, die verdacht veel op een voorraadkamer leek. Uit een rij kleine halfronde raampjes, hoog op de muur, schemerde groenachtig licht naar binnen, wat een gespikkeld schaduwspel op de vloer wierp.

Dalphin
Fortuinzoeker
Berichten: 80
Lid geworden op: 25 mar 2005 22:33
Locatie: Duiven

Ongelezen bericht door Dalphin » 23 mar 2006 08:54

In de gevangenis

Ram stond nog steeds bij het luik dat niet mee wou geven. In de verte hoorde hij het gekreun nog van zijn belagers. De stem in zijn hoofd gaf hem aanwijzingen hoe hij tegen het luik moest duwen. Langzaam maar zeker kwam er meer beweging in het luik. Uiteindelijk was er een kier waardoor Ram net doorheen kon kruipen. Hij stutte het luik met de stook die hij gebruikt had en kroop door de kier heen. Nadat hij door het luik gekropen was trapte hij de stook kapot zodat het luik weer dicht viel. Ram keek naar de berg stenen. Ze waren in de haast geplaatst en voor iemand die haast had zou dit goed genoeg zijn. Ram legde een paar stenen zo dat er bijna geen speling meer was. Hij trok zijn mes en voelde om zich heen waar hij heen moest en hij vond een trap. Hij liep de trap op. Langzaam maar zeker begon Ram te rennen. Zijn "meester" zei niks meer dus Ram ging er van uit dat het goed was wat hij deed. Ram rende en opeens zag hij licht. In het licht stonden twee gedaantes.

*Edit Nahimana Tala: Ik heb even een stukje geknipt. Je hebt/krijgt een PMetje...

Nahimana Tala
Sterrenschipper
Berichten: 1225
Lid geworden op: 13 mar 2004 19:52
Locatie: Fijnaart
Contacteer:

Ongelezen bericht door Nahimana Tala » 23 mar 2006 14:23

Kleine opbergschuur in de haven.

"Haha, moet je dat nou zien daar.. De stad uit via een roeiboot, dat zal wel gaan werken." "Tuurlijk, logisch toch?! Een roeiboot." De mannen in het ligt hadden er duidelijk plezier in dat er anderen met een roeiboot probeerde de stad uit te komen. Ram sloop stilletjes wat dichterbij en wierp een blik door een klein raampje. Terug in de haven. Precies mijn bedoeling, maar niet heus. Hij vroeg zich even af waar de dwerg en de elf waren gebleven, maar besloot al snel zich daar maar niet meer druk over te maken. Ram richtte zijn aandacht op het het bootje waar de mannen zo'n lol over schenen te hebben. Twee vrouwen zaten in een roeiboot en de oudste van hen lag ingezakt op de bodem van de boot.

Mai
Ontdekkingsreiziger
Berichten: 204
Lid geworden op: 31 mei 2004 19:29
Locatie: Zeeland, Goes

Ongelezen bericht door Mai » 24 mar 2006 15:57

In de haven, in een kleine roeiboot

'Penthe! Penthe!' Zo voorzichtig mogelijk haalde Mynn de roeiriemen binnenboord en boog ze zich over Penthe heen om te zien of die nog bij bewustzijn was. Het bootje schommelde gevaarlijk en Mynn viel bijna overboord. 'Penthe' siste ze zachtjes, terwijl ze zich vasthield aan de randen van het bootje en zich zo voorzichtig mogelijk op de bodem liet zaken. Penthe leek volledig van de kaart te zijn, en Mynn had geen idee waar ze naar toe gingen. Een boot, maar welke?

De stad leek haar nog steeds geen veilige plek om een bewusteloze Penthe naartoe te roeien, maar roeien was sowieso blijkbaar niet haar sterkste kant. Ze besloot op zoek te gaan naar de boot buiten de haven, en stak onhandig een roeiriem in het water, waarbij de boot alweer gevaarlijk heen en weer begon te schommelen. Aan wal hoorde ze stemmen en dacht ze zelfs mensen te zien, dus het was zaak zo snel mogelijk weg te komen.

Gebruikersavatar
Ysgrublaidd
Forum admin
Berichten: 5579
Lid geworden op: 20 apr 2004 12:14
Locatie: In de buurt van Dokkum
Contacteer:

Ongelezen bericht door Ysgrublaidd » 25 mar 2006 21:35

Dwalend door de stad

Met een rode waas voor de ogen draafde Nathan door de stad. Vanaf de Noorderpoort was hij door de straten naar het westen gerend. De Haven lag dan wel in het zuid-oosten, maar daar lag de dichts bijzijnde brug. Daarnaast bood deze weg hem de kans belangrijke punten te bezoeken. Het belangrijkste zijn ouderlijk huis.

Bij de brug stuitte hij echter op verzet. Zijn vermoede was dat het wachters waren van de Westerpoort, die de angstkreten hadden gehoord van hun collega’s van de Noorderpoort. Nathan had geen idee met hoeveel man hij de aanval startte tegen het verzet op de brug. Ook wist hij niet meer precies wanneer hij Bakiro was kwijt geraakt. Hij had het vermoede dat dit al bij de Noorderpoort was gebeurd. Zeker weten deed hij het echter niet.

Bij de brug vloog zijn zwaard nog voordat de ene wachter was gevallen naar de andere. Met volle kracht sloeg hij hoofden van de rompen, zwaardarmen los van de schouders of benen van de heupen weg. Was er niet genoeg ruimte om te hakken dan stak hij zijn zwaard door harten of longen, om zodoende vrijbaan te maken. Voor hij het wist stond hij aan de andere kant van de brug. Van enkele daken werden pijlen afgeschoten richting de groep, maar zonder nadenken draafde Nathan verder richting de haven.

Na enkele staten te zijn door gerend, kwam hij bij zijn tweede belangrijke stadspunt. Het marktplein. Daar waar zijn slaven bestaan was begonnen. Daar waar zijn simpele leven was geëindigd. Er was niets te vinden van de gebeurtenissen van zijn gevangenneming. Het plein lag er nog steeds hetzelfde bij. Het beeld dat hij in zijn jeugd zo had bewonderd, stond nog steeds fier rechtop. Onbewust gaf het beeld Nathan kracht. Hij zou er voor zorgen dat de stad weer leefbaar werd voor iedereen. Onder het juk van de slavernij vandaan. Net zoals hij de stad vroeger ook had gezien. Snel stoof hij door naar de Pauperbuurt.

Dit deel kende hij op zijn duimpje. Tussen al die rommelig in elkaar gebouwde huizen, had hij als kind veel gespeeld. Waar een onbekende snel zou verdwalen, wist hij precies de juiste wegen te kiezen. De snelste route naar de haven. Hij koos die snelste route echter niet. Nee, hij wilde eerst zijn ouderlijk huis zien. Kijken of er iemand thuis was. Hij wilde weten hoe het met de overgebleven leden van de familie ging. Nog één bocht en hij zou er zijn. Maar wat was dat?

Al glijdende kwam Nathan stil. Enkele van de volgelingen die hem bij konden houden, knalde achter op hem. Hij kon nog net zijn evenwicht bewaren. Met ontstelde blik keek hij naar de puinhoop die eens het begin van de straat was geweest. Daar waar het huis ooit had gestaan, lag nu alleen nog maar puin. Hetzelfde gelde voor de huizen er omheen. De boel was tot de grond toe afgebrand en ingestort. Maar hoe was dit mogelijk? Nathan wilde bijna net als John op de knieën vallen. Bijna alles wat belangrijk voor hem was geweest bestond niet meer. En over dat beetje dat nog wel kon bestaan was hij niet meer zeker. Hij hoopte maar dat de rest van de familie ergens anders huisvesting had gevonden en dat er geen doden waren gevallen. Hoe erg Nathan het ook allemaal vond en hoe graag hij alles wilde gaan uitzoeken. Er waren belangrijkere zaken te doen. Hij keerde zich om en schoot een andere weg op. De haven was nu vlak bij. Hij hoopte maar dat hij de Norse te pakken kon krijgen. De Norse moest wel naar de haven toe, welke uitweg had hij anders nog?

Dalphin
Fortuinzoeker
Berichten: 80
Lid geworden op: 25 mar 2005 22:33
Locatie: Duiven

Ongelezen bericht door Dalphin » 28 mar 2006 12:36

In de haven

Ram keek van de roeiboot weg en zag daar zijn oude baas. Het was zaak om zo snel mogelijk weg te raken maar waarheen? Hij kon niet terug gaan de gevangenis in, want daar zou hij waarschijnlijk gedood worden. Hij kon ook niet rustig de haven uit lopen want er liepen veel te veel oude matrozen die hem waarschijnlijk wel zouden herkennen van het gevecht op de boot en ze zouden hem vast wel willen lynchen voor de moord op degene die hem beschuldigt had. Ram had geen enkele keus hij nam een aanloop en sprong het water in. Met een paar krachtige slagen zwom hij naar het roeibootje toe. Hij klom aan boord en zei: "Waar kan ik jullie heen brengen dames?"

hoop dat ik het goed gedaan heb

Mai
Ontdekkingsreiziger
Berichten: 204
Lid geworden op: 31 mei 2004 19:29
Locatie: Zeeland, Goes

Ongelezen bericht door Mai » 28 mar 2006 15:08

In het roeibootje in de haven

Mai was bijna overboord gegaan toen de boot opeens nog heviger begon te bewegen er er iemand aan boord klom. In eerste instantie greep ze naar haar mes, maar de persoon tegenover haar leek niet van plan om haar aan te vallen, wat maar goed was omdat ze anders waarschijnlijk binnen de kortste keren overboord was gevlogen. Penthe lag nog altijd bewusteloos in de boot.

'Eh..' Er was niet veel wat ze kon doen. Gezien haar roeikunsten en het gevaar op de kant was het enige wat ze kon doen de plotselinge gast te accepteren. 'We moeten de haven uit. Als het goed is ligt daar een boot te wachten.'

Nahimana Tala
Sterrenschipper
Berichten: 1225
Lid geworden op: 13 mar 2004 19:52
Locatie: Fijnaart
Contacteer:

Ongelezen bericht door Nahimana Tala » 29 mar 2006 07:01

Nog net in de stallen

Ariel rattelde maar door, de man met de rode ogen zei niets en Zogal werd er bijna moedeloos van. Hoeder van het amulet, tempel.. Vreemd allemaal. Ergens in haar geheugen kabbelde de vage herinnering aan een oud verhaal. Doorgegeven van generatie naar generatie. Zogal trok een wenkbrouw op en vroeg Ariel "Dat amulet, mag ik dat zien?" Ariel viel direct stil door de plotselinge onderbreking. "Uuu.. ja hoor natuurlijk. " Ze haalde de amulet uit het zakje en gaf hem aan Zogal. "Mooi he?! Die heb ik van die zienermevrouw Ziona gekregen. " Zogal keek naar de amulet en voor ze het wist flapte ze er tot haar eigen schrik uit. "Mag ik het bijhouden? Mag ik het hebben?"
Ariel was even stil. Ze had een boodschap gehad als 'hoeder van het amulet', maar ze had ook van Ziona meegekregen dat ze het amulet alleen mocht afgeven als iemand erom vroeg. "Uu.. ik.. ik denk het wel. Ja hoor, als je erom vraagt, dan mag je het hebben." Ze keek even bedenkelijk. "Dan ben ik nu geen hoeder meer zeker? Gaan we nog wel naar de tempel dan?"


Ergens, al eeuwen aan het oog onttrokken
Ragnar verslikte zich bijna in de hap van zijn appel. De amulet was van hand gewisseld. "Het was te verwachten. Kenders zijn te uitbundig." Hij concentreerde zich. "De bosnimf. Waarschijnlijk een betere keuze van het amulet. Met een beetje geluk kent ze de oude legende." Hij veegde zijn mond af en rende de tempel weer in. "Waarom ben ik dat ding altijd kwijt als ik hem moet hebben. Aa.. daar staat ie." Zoals hij eerder had gedaan nam hij de staf en verzond opnieuw de boodschap die eerder voor de kender was geweest, nu richtte hij zich tot de bosnimf. Deze keer in een variant van de oeroude taal die door de bosnimf, met de hulp van het amulet begrepen zou worden"Ïðåäëîæåíèå amulet! Bowl è ïðèíåñèòå gelofte ê ýòîìó ìèðó! Äîðîãà âîäèò ê âèñêó ñïðÿòàííîìó îò âçãëÿäà. "*


Nog net in de stallen
Zogal had de amulet nog maar net goed opgeborgen toen ze opeens een flinke steek voelde. "Oe..wat was..." En opeens was er het besef, ze moest naar de tempel. Zij was nu de hoeder van het amulet. "Ja, we gaan naar de tempel. Dus moeten we naar de mijnen."


*Hoeder van het amulet! Kom en breng de gelofte naar deze wereld! De weg leidt naar de tempel onttrokken aan het oog..

Qemwen
Kosmonaut
Berichten: 796
Lid geworden op: 19 feb 2004 10:43
Locatie: Zeist

Ongelezen bericht door Qemwen » 29 mar 2006 07:45

In de stallen en de stad

"Leuk! Zullen we dan meteen gaan? Mag ik op het hert rijden? Hoe heet hij eigenlijk? Of is het een zij?" Ariel bukte om onder de buik van het hert te kijken en zag dat het een mannetje was. Zogal wilde een opmerking maken over het gewei dat het hert had, maar slikte die toch maar in.
Snel haalde ze haar hert uit de stallen en niet veel later gingen ze met z'n vijven weer terug de drukte en chaos in.
Ariel voelde toch iets missen nu ze het amulet had weggegeven, maar ze was er nog niet helemaal uit of dat een fijn gevoel was of niet. Ariel liep voorop, zag allemaal nieuwe dingen en wilde daar steeds over vertellen aan de anderen. Het was echter zó druk dat de anderen haar in een kwartier tijd al twee keer waren kwijtgeraakt. Ariel werd daar een beetje moe van, maar besloot dat het niet erg aardig was om dat te zeggen.
Juist toen ze ergens tussen de mensen Zogal zag, zag ze ook iets anders: een geheime gang!
Nou ja, hij was niet heel erg geheim, maar het zag er rustig uit en Ariel was er pas één keer eerder geweest. Ze had toen niet veel kans om goed rond te kijken omdat ze was vastgebonden door twee mannen die wisten hoe je kenders écht vast kon maken. Ariel wist wel dat deze gang leidde naar buiten de stad. Het was namelijk het riool.
Ze rende naar Zogal toe en vertelde haar over de gang. "Ik weet zeker dat we zo sneller kunnen gaan, en je hert kan er ook gewoon in hoor. Het stinkt er wel een beetje maar als je snel loopt en de weg kent, ben je daar zo uit. Kom op, dan gaan we zo!"
Enthousiast rende ze naar de ingang en lette er niet op of ze gevolgd werd.

Lasmes
Kosmonaut
Berichten: 717
Lid geworden op: 12 nov 2004 00:28
Locatie: Rosmalen

Ongelezen bericht door Lasmes » 29 mar 2006 09:37

In de stad

Zogal keek Ariel vreemd na en zuchtte, even een paar seconden rust. Toen liep ze vermoeit de kender achterna. Ze keek af en toe om, de man volgde hen nog steeds. Het leek haar beter de weg van de Kender te nemen, Zogal was niet al te bekent in de stad. Ze zuchtte opnieuw. Wat een gedoe. Ze was hier gekomen om magie te leren en nu liep ze met een vreemde man een vreemde kender en haar hert een gang in die naar een riool leidde. "Hoeder van het amulet." Herhaalde ze Zacht terwijl ze de steeg inliep. Ze wist wat een hoeder was, en het verhaal van het amulet leek diep in haar geheugen gegroeft te zitten, maar achter een mistbank die moeilijk weg te jagen was. Telkens als ze dacht het te hebben ontschoot het haar weer. Ze keek weer achterom, de man was er nog steeds. Hij knikte naar haar. "Spraakzaam type." Dacht Zogal Maar ze vond het niet erg de Kender maakte genoeg geluid voor heel de groep... voor heel de stad zelfs.
Toen Zogal haar thuisgebied verliet had ze zich wel heel iets anders voorgesteld van een leven in de stad. Maar ze mopperde niet hardop. Ze liep verder de steeg in en volgde Ariel. De hoefjes van het hert klik-klakte op de stenen, het was stil in de gang. Op het gebabbel van de kender na natuurlijk.

Dalphin
Fortuinzoeker
Berichten: 80
Lid geworden op: 25 mar 2005 22:33
Locatie: Duiven

Ongelezen bericht door Dalphin » 29 mar 2006 09:48

In de roeiboot

Ram dacht na. Het kon eigenlijk niet zijn oude boot zijn, want die kon hij zien liggen. Maar als het nou toch was dan had hij een probleem. Hij bleef een tijdje wachten om te besluiten wat hij zou doen. Opeens hoorde hij van de kant: "Dat is hem de moordenaar van Pete, omdat die hem beschuldigt had van diefstal! GRIJP HEM!" Vier of vijf mannen spongen in het water. Ram greep de riemen en begon hard te roeien. Een van de mannen was te vlug in het water gesprongen zonder dat hij beseft had dat hij totaal niet kon zwemmen en hij moest dus gered worden. Drie overgebleven mannen zette de achtervolging in. Ram zette weer aan, maar de roeiboot was zwaar en kwam langzaam op gang. De drie mannen kwamen dichterbij en dichterbij. Ram kreeg het benauwd want in een klein roeibootje vechten was niet echt zijn ding en zijn "passagiers" moest hij ook niet verliezen, want die konden hem nog van pas komen. Ram zette nog een keer aan en de roeiboot ging sneller. Eindelijk had Ram de roeiboot op gang en net op tijd, want de eerste man had bijna het roeiboot vast gegrepen. Ram zag hoe de afstand vergroten en de achtervolgers gaven het op. Ram hoorde dat een van de zwemmers nog iets probeerde na te roepen, maar door de kramp verdronk hij bijna en waren alleen de woorden nog te verstaan "Ik zal..." Ram was opgelucht en keek naar zijn "passagiers." "Zo dat was even zwaar. Ik ben Ram, oud matroos van dat schip wat je in de verte ziet." En Ram glimlachte eventjes.

Gesloten