Skip to Content

2001: Een Ruimte-Odyssee

 
Auteur
Serie Ruimte-Odyssee
Oorspronkelijke titel 2001: A Space Odyssey
Genre
Uitgever Bruna SF
Verschenen 1969
ISBN 9022990435
Cover

Bijna veertig jaar geleden staken een talentvolle regisseur en een wetenschapper met schrijversambities de hoofden bij elkaar om iets speciaals te maken. Hun namen waren Stanley Kubrick en Arthur C. Clarke, en hun project zou de geschiedenis in gaan als een doorbraak in de sciencefiction. In 1968, een jaar voordat Neil Armstrong zijn eerste stap op de maan deed, verscheen 2001: A Space Odessey zowel in de bioscoop als in de boekhandel.

De gebeurtenissen in Een Ruimteodyssee vinden, hoe verrassend, plaats in het jaar 2001. Aangezien het verhaal al decennia eerder werd geschreven, komt de wereld in het boek niet helemaal overeen met de werkelijkheid. Arthur C. Clarke zal teleurgesteld zijn over het gebrek aan progressie dat in de tussentijd geboekt is, want aan zelfstandig denkende computers en bemande vluchten naar Jupiter zijn we voorlopig nog niet toe. Natuurlijk kunnen we de schrijver dit nauwelijks kwalijk nemen. Bovendien zouden veel van Clarkes beschrijvingen van technologieën, planeten en ruimtevaart later niet ver van de waarheid blijken te liggen.

In Een Ruimteodyssee worden we geconfronteerd met een merkwaardige vondst op de maan. Een groep Amerikanen onderzoekt een verstoring van het magnetisch veld en ontdekt dat een ingegraven monoliet de oorzaak is. Als bij nader onderzoek blijkt dat het mysterieuze object miljoenen jaren oud is, moeten de wetenschappers concluderen dat het een product is van een buitenaardse beschaving. Niemand weet echter waarom het zo zorgvuldig in de maan is geplaatst. Wanneer de monoliet eenmalig een zeer krachtig radiosignaal uitzendt, wordt de verwarring nog groter en besluit de top om het ruimteschip Discovery zonder medeweten van de bemanning in de zaak te betrekken.

De Discovery is niet zomaar een ruimteschip: het is de eerste bemande vlucht naar Jupiter. Bovendien willen de ruimtevaarders de zwaartekracht van deze reuzenplaneet gebruiken om zichzelf nog verder het zonnestelsel in te katapulteren, richting Saturnus en haar manen. De crew bestaat uit vijf man, maar aangezien drie van hen in een tijdelijke staat van hibernatie (een soort ruimteslaap) zijn, draait het gedurende het verhaal om het duo Dave Bowman en Frank Poole. Ze worden bijgestaan door de autonoom denkende en pratende boordcomputer HAL.

Tijdens de vlucht ontstaat een probleem. Na Jupiter begint HAL zich eigenzinnig te gedragen. De bemanning gaat vraagtekens zetten achter de vermeende onfeilbaarheid van het systeem, wat natuurlijk niet aan de altijd meeluisterende HAL voorbij gaat. Een conflict lijkt dan ook onvermijdelijk. Ook op Aarde is men bezorgd, want het slagen van de vlucht is van groter belang dan de bemanning weet.

Door de zwaar wetenschappelijke schrijfstijl van Clarke wordt Een Ruimteodyssee nooit een boek dat je even makkelijk uitleest, maar juist die stijl geeft het verhaal ook een geweldig gevoel van echtheid. Het zorgt er mede voor dat de mysteries van de monoliet en HAL interessant blijven. Het boek roept ook verschillende vragen op over evolutie en de menselijke natuur.

2001: Een Ruimteodyssee is een sciencefictionboek met een positieve invalshoek. Verwacht geen ruimtegevechten, invasies of instinctmatig dodende aliens. Misschien is een hoogontwikkelde, buitenaardse beschaving niet meer dan nieuwsgierig naar ons, zonder boosaardige plannen met de mensheid te hebben. Want wat heeft zo’n klein planeetje nu te betekenen voor wezens die door het hele universum kunnen reizen?

Praat erover op ons forum!

Lees ook: