Guy Gavriel Kay brengt in zijn werk alle aspecten onder die de fantasy-lezer van nu behoeft. De in 1954 in Canada geboren Kay studeerde filosofie en werkte onder meer met Christopher Tolkien - de zoon van - aan het postuum voltooide De Simarillion.
In die periode, in de jaren 1982-1989, schreef Kay zijn eerste fantasy-verdichtsels, de trilogie Het tapijt van Fionavar die opent met De zomerboom, gevolgd door Het dwalende vuur en De donkerste weg.
In 1990 verscheen zijn doorbraaktitel, Tigana, die Kay omschrijft als 'een historische roman in een fantasy-wereld'. Deze roman bracht Kay een wereldwijd lezerspubliek. Een lofzang voor Arbonne was zijn tweede grote roman.
Gaandeweg zijn schrijverscarrière werd het werk van Kay talloze keren bekroond en genomineerd. Zo ontving hij onder meer een Fantasy Award en maar liefst drie nominaties voor De zomerboom en de Aurora Award, de hoogste Canadese onderscheiding voor een fantastische roman, voor Tigana. Sindsdien worden zijn boeken jaarlijks vrijwel zonder uitzondering genomineerd voor de Hugo, de World Fantasy Award of de Aurora.
Het Fionavar Tapijt
De trilogie gaat over vijf studenten die zich in een andere wereld kunnen verplaatsen, Fionavar. In deze magische wereld trekken zij ten strijde tegen de gevallen god Rakoth Maugrim die zich na eeuwenlange gevangenschap wil wreken op de koning van Brennin. Het is een behoorlijk duister verhaal, met een heel eigen sfeer.
Tigana
Nadat zijn zoon sneuvelt op het slagveld in de provincie Valentin kent de Woede van Brandin de Tiran, machtig magiër en succesvol krijgsheer, geen grenzen. Zijn wraak is meedogenloos. Valentin houdt op te bestaan - haar liederen worden doodgezwegen, haar boeken en kunst vernietigd, haar steden met de grond gelijk gemaakt. En als bekroning van zijn wraak weeft Brandin een spreuk die de provincie voorgoed uit het geheugen van de mensen wist.
In de tijd van onderdrukking die volgt zucht het eens zo trotse schiereiland van de Palm onder het juk van de veroveraars uit Oost en West met hun machtige magie. Maar gelukkig is er een sprankje hoop. De minstreel Devin hoort het verloren lied van Avalle van de Torens en betreedt vanaf dat moment het pad dat zijn lotsbestemming zal blijken te zijn. Hetzelfde geldt voor Alessan bar Valentin, Prins van Tigana, die al zijn leven lang strijdt voor de bevrijding van Valentin, beter bekend als Tigana. Maar de tijd dringt en de machinaties van het tirannieke bewind draaien onverbiddelijk door...
Een Lofzang voor Arbonne
Op het slagveld op de grens van Gorhaut en Valensa wordt beslist over het lot van het zonnige, muziekminnende Arbonne. Gorhaut, een land bewoond door strijdlustige lieden, is zijn koning kwijt en zijn corrupte opvolger sluit een misdadig pact met de vijand. Het is een kwestie van tijd voordat de machthebbers van Gorhaut hun begerige blik zullen richten op het naburige ARbonne.
Maar de bewoners van Arbonne hebben nog meer te vrezen. In hun cultuur speelt de hoofse liefde een grote rol - de liefde die wordt bezongen en begeleid door troubadours en minstrelen. Deze cultuur lijkt in gevaar te komen wanneer de fell strijdt die een tweetal hertogen voert om de liefde van een vrouw, opnieuw oplaait.
Dan, tot overmaat van ramp, zoeken twee belangrijke inwoners van Grohaut hun toevlucht tot Arbonne. Een invasie lijkt nu onvermijdelijk.
Overige
* The Lions of Al-Rassan, (1995). The story of two military strategists (one an almost-El Cid) in a medieval almost-Spain.
The Sarantine Mosaic, a mosaicist under emperor Valerius II (an almost-Justinian I) in Sarantium (an almost-Constantinople), in two parts:
* Sailing to Sarantium (1998)
* Lord of Emperors (2000)
* Beyond This Dark House (2003). A collection of poetry.
* The Last Light of the Sun (2004). A story based on the Viking invasions of England and Wales during the rule of Alfred the Great.
Ikzelf heb in een ver verleden het Fionavar Tapijt wel eens gelezen. Tigana heb ik echter meer recentelijk gelezen en dat boek heeft zeker indruk op me gemaakt. Ik ben dan ook van plan om een Lofzang voor Arbonne ook eens te lezen.



